my_logo
000 tot 50.000 facetjes bestaan. Met deze ogen nemen libellen bewegingen waar, het bovenste gedeelte ziet scherp op afstand en het onderste dichtbij. Om licht en donker te kunnen onderscheiden heeft de libel nog drie enkelvoudige ogen. Hoogstwaarschijnlijk functioneren ze als een optisch evenwichtsorgaan.
Aantal soorten Wereldwijd zijn ongeveer 5858 soorten beschreven, waarvan de meeste voorkomen in warmere gebieden. In Europa komen 150 libellensoorten voor. In België komen 69 soorten voor[1]. In Nederland zijn 71 soorten aangetroffen, waarvan 66 als inheems worden beschouwd, een als zwerver en vier als verdwenen. In België en Nederland samen komt het aantal op 74 (vijf Nederlandse soorten komen niet in België voor, drie Belgische soorten komen niet in Nederland voor). De soorten staan opgesomd bij de juffers en echte libellen. Kenmerken Libellen zijn te herkennen aan de volgende kenmerken; ze hebben twee paar vleugels, die stevig, rijk geaderd en niet opvouwbaar zijn. kleine antennes, die nauwelijks opvallen. een lang en meestal slank achterlijf. grote facetogen op een beweeglijke kop. een schuin gericht borststuk. naar voren geplaatste poten. geen angel en kunnen dus niet steken. Naam Zowel 'libel' als 'libelle' worden in de Nederlandse taal gebruikt, maar libel heeft in de literatuur de voorkeur. Lichaamsbouw Kop Kop van een steenrode heidelibel Het opvallendste aan de kop zijn de samengestelde ogen, die uit 10.
De vervorming van de antennes stelt de libel in staat snelheid te meten. Met de forse monddelen kan een libel hard bijten, maar deze worden alleen gebruikt voor het kauwen op insecten. Een beet van de libel komt vrijwel nooit door de huid van een mens heen. Bij grote exemplaren kan dit wel, maar libellen vluchten in plaats van aan te vallen. Borststuk Het borststuk is naar achteren gekanteld, wat verscheidene voordelen oplevert: de poten staan verder naar voren, waardoor ze geschikter zijn om een prooi in de vlucht te vangen en vervolgens in de mond te stoppen.

Libellen

De forse botsing die het libellenlijf ondergaat bij het vangen van de prooi wordt beter opgevangen. De vleugels staan centraler opgesteld, wat de vliegkunst ten goede komt. Het voorste borstgedeelte zit met beweegbare verbindingen vast aan de kop en de rest van het lijf. Hierdoor kan de kop in alle richtingen bewogen worden. De poten zijn aangepast aan het jagen en hebben hun loopfunctie verloren. Tijdens de vlucht vormen de poten een soort vangnet en de kleine stijve haartjes ('doornen') zorgen ervoor dat de prooi niet meer kan ontsnappen. Bij libellen zijn de vleugels niet met elkaar verbonden, zoals bij veel andere insecten. Hierdoor kunnen de vier vleugels los van elkaar worden aangestuurd en kan de libel opmerkelijke kunsten uithalen, zoals stilstaan in de lucht, verticaal opstijgen en zelfs achteruit vliegen.

Phone: +31105777039

Email: mary@ctk74.ru

Policy
User agreement